Kenia

Saved by the zebras

Na alle verhalen over de onrust in Kenia en nadat we het heel rustig aan hebben gedaan in Ethiopië in de hoop dat het tij zich in Kenia zou keren, steken we op 24 februari de grens over. Vanuit de Omo-vallei rijden we over een pad met heel los zand naar Illeret, het eerste dorpje in Kenia. Hier is geen echte grenspost dus dat betekent dat we onze stempels voor paspoort en carnet in Nairobi moeten halen.
We kijken op onze kilometerteller en zien dat we in totaal tijdens deze reis al 14.433 km hebben gereden! Wanneer je via deze weg Kenia binnenkomt, moet je noodgedwongen door Sibiloi NP. In dit park zijn niet erg veel dieren te zien, maar de natuur maakt alles goed. Toch spotten we hier en daar een gazelle, een dick-dick en struisvogels. Het is juist erg bijzonder om af en toe wat wild te zien. ’s Avonds komen we aan bij Koobi Fora campsite dat aan Lake Turkana ligt. Dit meer volgen we richting het 02 route_langs_Lake_Turkanazuiden en steekt telkens turquoise groenig af tegen de blauwe lucht. We genieten van de rust en het landschap. Onderweg zien we weinig mensen en de mensen die we zien, zijn verschillende stammen. Hun kleding is kleurrijk en hun oren hangen vol met juwelen. Af en toe komen we een paar kamelen tegen, maar verder niets. Het gedeelte waar we doorheen rijden is de Chalbi woestijn, wat voornamelijk uit stenen bestaat. Dat is dan ook meteen de keerzijde van deze route; de paden zijn superslecht, niet eens ‘wegen’ te noemen. Soms moeten we letterlijk over rotsen! Elke dag rijden we zo’n 7-8 uur en qua afstand wil het maar niet vlotten. De eerste dag leggen we 230 km af, terwijl we de daaropvolgende dagen niet verder komen dan 134 km en 142 km. Als we een ochtend, nadat we 3 meter van de ‘weg’ af hebben gekampeerd, vroeg willen vertrekken, hebben we na 1,1 km al een lekke band. Er zit een groot gat in dus repareren is geen optie. We vervangen het wiel en proberen weer wat kilometers te vreten. Vanuit Sibiloi rijden we via Loiangalani naar South Horr waar we kamperen op een verlaten campsite.
De dag erna gaan we door plaatsen die bekend zijn van het boek en de gelijknamige film ‘The White Masai’. We komen door Barsaloi en via een bergpas vol stenen, gaten en kloven met een schrikbarende afgrond naast Kroesie, bereiken we Maralal. Daar kunnen we eindelijk voor het eerst weer tanken. Als je deze route onderneemt, moet je voldoende brandstof meenemen, want onderweg is het bijna nergens te verkrijgen. Omdat het nog op de middag is, besluiten we om door te rijden naar Nyahururu. De wegen zijn ietsje beter en we zien onderweg struisvogels, dick-dicks, gazelles, buffels en zebra’s. Het eerste echte wildlife en de eerste van de Big 5! We stoppen natuurlijk om foto’s te maken van de zebra’s en krijgen door de beesten nieuwe energie.
Tijdens het maken van de foto’s worden we ingehaald door een truck. Later horen we dat deze truck is overvallen. Mannen met geweren hadden hun koeien de straat op gestuurd, waardoor de truck vaart moest minderen. De mannen zijn toen op de auto gesprongen en onder bedreiging is alles leeggeroofd. Glumps! Wat hebben wij dan een geluk gehad. Het had goed onze auto kunnen zijn. De zebra’s waren onze reddende engelen! De schrik zit er goed in en we stoppen voor niks of niemand en knallen door naar Nyahururu. Daar kamperen we bij een supermooie lodge, waar we ontzettend genieten van het eten in het restaurant, omdat we al meer dan een week zelf hebben gekookt en soms was dat niet meer dan rijst met ui en currysaus. Hoewel dat op dat moment heerlijk was hoor! ’s Avonds een lekker, sappige steak en ’s ochtends ontbijt met eieren en bacon. Jammie! De logde ligt aan de Thompson watervallen waar we de volgende morgen langs lopen. De omgeving is mooi en de waterval is groot.

Corruptie

Als we doorrijden naar Nairobi, worden we onderweg aangehouden door een politieman. Het is 12 km voor Nairobi. Hij vraagt naar onze verzekering. Die hebben we niet, want die moeten we in Nairobi gaan aanschaffen. We leggen uit dat we via Illeret binnen zijn gekomen en dat daar geen grenspost is. We hebben van meer Overlanders gehoord dat zij deze route hebben gereden en dat het papierwerk allemaal in Nairobi geregeld kon worden. De politieman snapt het allemaal wel, maar is toch niet tevreden. Allicht niet, hij wil geld zien. Wij weten eerlijk gezegd niet eens of een verzekering verplicht is in Kenia. In zowel Soedan als in Ethiopië konden we niet eens een verzekering kopen dus hebben we onverzekerd rondgereden. Als er dan iets gebeurt, moet je het met de mensen terplekke oplossen. De papieren die we laten zien en de uitleg die we geven, heeft geen zin. De man gaat ons arresteren. Hij zegt dat de auto wordt ingenomen en dat we die de volgende dag op het bureau op kunnen halen. We doen ons uiterste best hem te overtuigen. Dan zegt ie opeens dat we hem wel 5000 Keniaanse Schilling (ongeveer 50 euro) kunnen geven. Ai! Corruptie! Wij hebben helemaal nog geen schilling en leggen hem uit dat we die in Nairobi willen gaan pinnen. Omdat Reg zijn rijbewijs moest laten zien, heeft hij zijn eigen portemonnee gepakt waar alleen wat ‘zakgeld’ in zit. Natasja laat de man zien dat we echt alleen maar dollars hebben. Dan schikt hij zich en zegt dat 100 dollar ook goed is. Pffff!! Gelukkig zitten er in Regs portemonnee maar 4 briefjes van 5 en die laten we hem zien. Hij is daar niet tevreden mee en zegt weer dat we gearresteerd zijn. Slik! Net als we de auto langs de kant willen zetten, zegt ie dat die 20 dollar dan ook wel oké is. Als we wegrijden zijn we opgelucht, maar we voelen ons ook bestolen. Later horen we op de camping dat de politie hartstikke corrupt is en dat ze altijd wel iets weten te vinden waardoor je in overtreding bent. Nou, lekker land… Eerst die overval vlak voor ons en dan in contact komen met corrupte politie. Grrr!

Wat betreft de politieke situatie gaat het wat beter. Als we op Jungle Junction, de bekende Overland campsite van Nairobi aankomen, horen we dat de partijen en de oppositie met elkaar praten. Een of twee dagen later wordt er een akkoord bereikt. Er wordt feest gevierd in Eldoret, ten westen van Nairobi, waar de meeste brandhaarden zijn geweest. En wij zijn ook blij, want het maakt rondreizen hier toch een stuk relaxter.
We blijven een paar dagen in Nairobi en regelen onze stempels en verzekering. Ook brengen we de auto naar de garage voor 

09 kusje_van_een_giraffe

een grote beurt. Het kost ons weer behoorlijk veel geld, maar het is de eerste garage die betrouwbaar en eerlijk op ons overkomt. Verder genieten we van het lekkere eten dat Nairobi te bieden heeft, we drinken hier en daar een koffie of een shake en zoeken naar souveniertjes. Eindelijk kunnen we ook weer internetten dus laten we iedereen thuis weten dat alles goed is met ons. En we boeken via internet onze vliegtickets naar huis vanuit Kaapstad.
De laatste dag in Nairobi gaan we naar het giraffes centrum. Hier wordt een van de giraffe soorten die met uitsterven wordt bedreigd gefokt. Omdat we voor het eerst deze reis giraffes zien, is het al bijzonder, maar het is helemaal leuk omdat je met de giraffes kunt knuffelen! Je kunt ze voeren en Reg krijgt zelfs een paar kusjes! Daarna gaan we eten bij een van de 50 beste restaurants van de wereld: Carnivore restaurant. Zoals de naam al zegt, kun je er heel veel vlees eten. Onbeperkt! De obers komen langs met grote spiesen waar ze terplekke op je bord een stuk vanaf snijden. Het is superlekker al valt het ons wel tegen dat er weinig wild te krijgen is, alleen struisvogel en krokodil. Voorheen kon je hier ook giraffe, zebra, wildebeest etc krijgen. Eten in dit restaurant is een ervaring op zich.

 

Masai Mara

Op 6 maart gaan we naar Masai Mara National Park. Hier gaan we voor het eerst echt op safari en we hebben er superveel zin in. Onderweg zien we al wildebeesten, zebra’s en struisvogels. Van een Zwitsers stel hebben we waypoints gekregen en tips hoe je gratis een deel van het park binnen kunt komen. Als we de uitgestrekte savanne zien, weten we nog niet zeker of we al in het park zijn, omdat er een rivier is die we niet over kunnen steken door de diepe afgronden. We zien giraffen aan de overkant van de rivier en in het water liggen nijlpaarden te badderen. Gaaf hoor! We gaan wildkamperen vlakbij de oever en hadden al besloten om in de auto te slapen in plaats van in de tent op het dak. Daarbij merkt Reg heel wijs op dat als er aan de overkant van het water leeuwen zitten, dat die hier ook wel echt kunnen komen. In het donker koken we snel wat knakworstjes en we warmen loempia’s op. Hopende dat er geen wild dier in de buurt is die het zal ruiken. Het is behoorlijk spannend als we aan ons broodje knak knagen. Om ons heen zien we opeens lichtjes. “Wat zijn dat? Ogen?” Gelukkig ziet Natasja al snel dat het vuurvliegjes zijn. We ruimen alles op en stappen tegen 19.30 in ons bedje. De volgende ochtend worden we wakker als de zon 16 rivieroversteekopkomt. We gooien alle spullen van de stoelen naar achteren en zitten binnen 10 minuten klaar om wildlife te gaan spotten. ’s Morgens en ’s avonds zijn de meeste dieren te zien, vooral ook de jagers die er ’s nachts op uit gaan en ’s morgens terugkeren naar hun slaapplaatsje. Het eerste uur zien we helemaal niets! We krijgen toch het gevoel dat we echt nog niet in het park zijn en ook steeds meer het gevoel dat we helemaal niks gaan zien. Totdat er iets beweegt tussen de grassprieten verderop. “Wat is dat? Een leeuw?” Verrekijker en fototoestel worden tevoorschijn gehaald, maar we kunnen het niet zien. Dan opeens steekt het over op de weg voor ons; een warthog! Hahaha…. Wat een lelijk beest, maar wel grappig. Zijn lijf beweegt amper, alleen de voetjes gaan trippel trippel en zijn staartje staat rechtop in de lucht. En wij maar denken (of hopen) dat het een leeuw is. Later die dag zien we nog heel veel dieren. Langzaam wordt het steeds leuker en interessanter. Zo zien we eerst dus een warthog, dan gazellen en impala’s, dan giraffes, dan een olifant en als toetje worden we tegen zonsondergang getrakteerd op een cheetah! Wat een beest! Helaas begint net op het moment dat we de cheetah spotten, Kroesie een raar geluid te maken. Daarna bereikt de geur van verbrand rubber onze neuzen. He shit! Terwijl de cheetah op 20 meter afstand een showtje weggeeft van dan weer zitten, dan weer liggen, zich uitrekken en dan weer verder lopen, gaat Reg eens even onder de motorkap kijken. Natasja krijgt de opdracht om de grote poes in de gaten te houden. Reg ziet na een tijdje dat een onderdeeltje dat de V-snaar onder spanning houdt, kapot is. Als we zo verder rijden, zal de V-snaar doorbranden dus gaan we terplekke maar kamperen. De cheetah is weggelopen, op zoek naar een maaltijd. En wij zoeken ons bedje op.
’s Nachts worden we wakker en zingt Natasja ‘Lang-zal-hij-leven’ voor Reg. Het is 8 maart, Reg is jarig en we staan met een kapotte auto in een wildpark in Kenia. Als de zon opkomt en we de ‘gordijntjes’ voor de ramen wegschuiven, loopt de cheetah langs onze auto! Waow! Dit is het mooiste verjaardagscadeau dat Reg kon krijgen. Door de zon kleurt alles mooi en we volgen ieder beweging van het beest totdat zij in struiken voor onze auto verdwijnt. Reg gaat eruit om nog eens onder de motorkap te kijken. Het blijkt dat de kogellagers uit het onderdeel zijn gelopen. Met het autoboek erbij, komt Reg erachter dat deze V-snaar de stuurbekrachtiging aandrijft en dat we die wel kunnen missen. Natasja houdt de struiken scherp in de gaten, terwijl Reg de onderdelen demonteert en de V-snaar eruit haalt. Later lezen we in de reisgids dat een cheetah binnen enkele seconden een snelheid van 105 km/h kan bereiken. Oeps, dat zou Reg niet hebben gered… Naar alle waarschijnlijkheid is de cheetah lekker gaan slapen, en doet Kroesie het weer!
We rijden door het hoge gras en opeens springt er 3 meter voor onze auto een hyena op. We volgen hem een tijdje en zien later nog 2 hyena’s. Veel dieren die we de vorige dag al zagen, laten zich opnieuw zien. Extra zien we nog zebra’s, dick-dicks en een vosje. Eigenlijk zijn we de hele dag op zoek naar leeuwen. Hoe we ook ons best doen en waar we ook kijken, we vinden ze niet. We waden door de rivier en komen in het deel van het park dat wij aanvankelijk aanzagen voor het ‘echte’ park. Als we door het hoge gras rijden, verwachten we elk moment op leeuwen te stuiten. Het vervelende is ook dat als je ergens naar op zoek gaat, je het overal ziet. Een keer weet Natasja heel zeker dat er verderop een leeuw ligt. Ze maakt een foto, zoomt in en is overtuigd. Als we op de betreffende plaats aankomen, is het niet meer dan een uitstekende steen. Het is net als met wolken, als je maar lang genoeg kijkt, zie je er vanalles in! En fantasie doet ook een hoop.
We rijden tussen struiken en bomen door, kijken op schaduwplekken en zoeken tot we een ons wegen; geen leeuwen. We geven het op. Het was leuk geweest voor Reg zijn verjaardag, maar ja, we hebben ook die cheetah al gezien. Misschien willen we wel 31 als_lieve_poesjesteveel. We gaan de leeuwen uitschelden en Reg roept uit het raam dat het mietjes zijn, dat ze zich niet eens willen laten zien. En later, dat we ze niet eens meer willen zien. Dat als er nu een leeuw komt, we de andere kant op kijken en een foto maken van een vogeltje ofzo. Reg roept uit het raam dat we warthogs veel leuker vinden dan leeuwen. En zegt zachtjes tegen Natasja “Oeh, als ik nou een leeuw zou zijn, dan zou ik het wel weten. Dat zou ik me toch niet laten zeggen.” We hebben met zijn tweeën dus de grootste lol. Ondertussen rijden we terug richting de rivier-oversteek. Als we dwars door de savanne recht op een boom afrijden en dichterbij komen, zien we daar opeens beesten onder liggen. Het zijn leeuwen! 6 stuks! Als lamme takken liggen ze in de schaduw van de boom uit te buiken. Met de auto komen we steeds dichterbij tot op wel 4 meter afstand. De leeuwen bewegen amper. Waow, wat een machtige beesten. En eigenlijk zien ze er weer uit alsof je ze zo kunt gaan knuffelen. Als er nog een auto bij komt staan, tillen er een paar hun kop op. We blijven een hele tijd kijken en foto’s maken van hoe ze zich wassen, hoe ze slapen en hoe ze gapen.
Dan gaan we verder en maken onze pasta van de vorige dag warm met op de achtergrond een hyena en wat struisvogels. Die avond redden we het niet meer tot de rivier en bushcampen vlak voor de oversteek. Onderweg zien we in het gras nog eens 4 leeuwen. Als ze hun kop neerleggen, zijn ze weer onzichtbaar.
De volgende morgen steken we de rivier over en rijden we het park uit waarbij we nog 12 giraffes tegenkomen. We gaan over de slechte weg terug naar Nairobi, zodat we de auto in de garage kunnen laten maken. Op de camping komen we Troy en Michelle weer tegen. Zij vertrekken de volgende dag naar Oeganda en we zullen elkaar dus niet meer tegenkomen. Als afscheidsmaaltijd gaan we naar de Italiaan.
In de garage kan de auto meteen gemaakt worden en de kosten zijn (eindelijk een keer) niet zo hoog. We blijven nog 2 dagen in Nairobi om te relaxen, te internetten en boodschappen te doen en rijden dan naar Arusha in Tanzania.
Samenvattend kunnen we zeggen dat Kenia een mooi land is dat veel elementen bevat waar een toerist naar op zoek is. Wij zijn niet naar de kust geweest, maar de stranden moeten ook erg mooi zijn. Het noorden vonden wij, ondanks de wegen erg mooi en puur. Nairobi is een grote stad waar je alles weer vindt wat je nodig hebt, maar het is niet echt mooi. Het is natuurlijk nooit goed dat politie in een land corrupt is en het is erg jammer dat wij dit zelf hebben moeten ervaren. Masai Mara NP vonden wij geweldig. We hebben nu ook wel het geluk gehad dat we er precies aan het einde van het droge seizoen waren, waardoor er niet al te veel begroeiing is en de dieren goed te spotten zijn. Daarbij was het erg rustig qua toerisme, omdat veel mensen hun reis naar Kenia hebben geannuleerd i.v.m. de politieke situatie. We hebben gehoord dat er normaal gesproken in Masai Mara wel 10 minibusjes met toeristen rondrijden, hier hebben wij geen last van gehad. Kenia heeft van alles wat: wildlife, traditioneel levende Masai stammen, mooie natuur en lekker eten.